BAD DAYS

Het vertellen van een verhaal is niet moeilijk. Behalve als je je daarvoor compleet bloot moet geven. Tegenover je gezin, dat niet door heeft hoe ernstig het is, en tegenover je vrienden, die jou alleen zien als het blije persoon. Want dit is mijn verhaal over hoe ik me voel, en hoe ik omga met situaties. De pijn die ik voel, de paniek aanvallen die ik doormaak en een gebroken ik.

Depressie is namelijk niet iets wat je mee maakt. Depressief is iets wat je bent. Het is een ziekte waarvoor ik me blijf verontschuldigen. Want ik ben niet altijd blij, ik trek aan mensen omdat ik ze niet kwijt wil raken en ik kan niet altijd mijn masker opzetten.

Ik ga er onderdoor, maar laat het niet zien. Jou zien kan ik niet, zelfs niet op foto’s. Ik kan niemand leuk vinden want ik zoek naar jou, want ik voel jou. Paniek aanvallen volgen elkaar op. Als ik eindelijk een rust moment vind galmen er gedachten door mijn hoofd. Ze blijven roepen tot er geen uitweg meer is en ik ze niet meer kan filteren. Met mijn handen wrijf ik door mijn haar terwijl het warme douchwater over mijn rug stroomt. Mijn adem stokt en tranen vertroebelen mijn zicht. Ademhalen lukt niet, want ik heb geen tijd om hier ook nog over na te denken. Ik blijf wrijven met mijn handen door mijn haar, harder en harder, om de gedachten stop te zetten. Pas als mijn lichaam schreeuwt dat ik adem moet halen kalmeren mijn gedachten. Haal adem! In en uit. Mijn handen duwen op mijn hoofd en trillend haal ik adem. Tranen vallen met het water naar beneden. Ik zak in elkaar en ga zitten op de grond.

Gebroken en zonder kracht klim ik in bed. Maar de stilte brengt opnieuw gedachten met zich mee. Niet alleen flashbacks maar ook situaties. Had dit anders opgelost! Had zo gereageerd! Waarom deed je dat? Wat je deed kan echt niet! Als je het zo had gedaan had je het niet verpest! Uitgeput probeer ik de gedachten weg te slikken, samen met de tranen die ze met zich mee brengen. Maar die kracht heb ik niet. Als mijn kussen nat is draai ik me om in de hoop de gedachten te kunnen verdrijven, maar tevergeefs. Pas als ik totaal gebroken ben val ik in slaap, waarna ik na 2 uur de wekker weer hoor.

Met dikke, rode ogen stap ik mijn bed uit. Net zo moe als dat ik er in ging. Ik doe mijn standaard routine, hierbij hoef ik niet na te denken en dit geeft verlichting. Muziek speelt hard door mijn oortjes. Ik kan me focussen op de teksten, waardoor ik de gedachten een beetje kan verdrijven. foundation verbergt mijn wallen en mascara mijn kleine, opgezette ogen. Aan het ontbijt jagen de gedachten van 50 min in de trein me al op. Dit zijn rust momenten, momenten om na te denken, momenten om te voelen.

De kou slaat op mijn gezicht als ik naar buiten stap. Ik graaf mijn gezicht in mijn sjaal en adem diep in. Voet voor voet strompel ik naar de trein terwijl de muziek mijn ritme bepaalt. Ik stap in en ga zitten. De warmte omringt mijn lichaam en mijn moeheid voelt zwaarder aan. Ik kijk naar buiten terwijl de weilanden mij voorbij razen. Mijn lichaam doet zeer als gedachten over jou mijn hoofd binnendringen. Ik probeer ergens anders aan te denken, maar ik weet dat het daar al te laat voor is. Mijn hoofd maakt al scenario’s, het maakt al ideeën over ‘wat als’. Mijn ogen lopen vol en ik weet dat ik het niet kan stoppen. Ik zet mijn geluid harder en focus me op de klanken van de muziek, maar zelfs deze stoppen de gedachten die mijn hoofd invloeien niet. Hoe hart ik ook probeer mijn gedachten te verzetten, jij komt telkens terug. Ik geef me over en vecht niet meer. Ik kan niet meer vechten. Ik ben veel te moe.

Op school probeer ik mijn beste ik te zijn. Maar in een ruimte vol mensen voel ik me alleen. Mijn hoofd is zwaar en ik ondersteun deze met mijn hand. Mijn blik dwaalt af en daarmee mijn gedachten. Ik staar voor me uit terwijl iedereen om me heen praat en mijn aandacht vraagt. Maar ze vragen me niets, ze vragen me niet hoe het met me gaat of hoe ik me voel. Ze vragen me niet hoe mijn dag is of waar ik over na denk. Iemand aan de andere kant van het lokaal begint te lachen en jou hoofd schiet door mijn gedachten. Hij klinkt hetzelfde, hij klinkt als jou. Mijn hart begint sneller te kloppen en met iedere samentrekking schiet er pijn door mijn lichaam. Mijn ogen vertroebelen en ik sta op. Snel loop ik het lokaal uit en sluit ik me op in een wc hokje. Opnieuw schreeuwt mijn hoofd en wrijf ik met mijn handen door mijn haar tot het minder word. Een traan rolt over mijn wang en dat is het moment dat mijn masker breekt.

Als ik klaar ben met school moet ik weer naar huis. Een treinreis die opnieuw een gevecht is tegen mezelf. Maar als ik thuis kom is het nog niet over, want ook hier is nog steeds het masker nodig. Ik probeer niet boos te worden als iemand me iets vraagt te doen terwijl ik net zit en even uitrust van het vechten. Ik probeer zo veel mogelijk te doen ook al kan ik mezelf bijna niet eens meer overeind houden. Maar als ik wil gaan slapen vecht ik weer tegen paniek wat mijn keel probeert dicht te knijpen. En na opnieuw 2 uur slaap klim ik opnieuw vermoeid mijn bed uit.

Als ik dit zo beschrijf moet je niet denken dat ik me iedere dag zo voel. Ik heb slechte en goede periodes. Je moet het zien als een bepaalt ritme wat ik nodig heb in mijn leven. Een waarvan ik niet kan afwijken. Zolang ik dit aanhoud gaat het goed, maar zodra ik hiervan af moet stappen heeft dit voor mij grote gevolgen. Dingen waardoor ik er van afwijk zijn bijvoorbeeld ruzies met belangrijke personen, iemand die overlijd of een liefde. Dit zijn dingen waar ik niet voor kies en geen controle over heb. En zo heb ik dus ook geen controle op hoe ik me voel.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s